Zoeken in deze blog

Translate

zondag 5 februari 2012

De geschiedenis van de racehelm (4): de jaren zeventig

De racehelmen waren aan een langzame evolutie onderhevig, evenals de veiligheid in de autosport zelf. Die speelde overwegend geen rol van betekenis tot de jaren zeventig.

Jackie Stewart

Geen man heeft zoveel betekend voor de veiligheid in de autorensport als Jackie Stewart. Hij organiseerde op dit punt voor het eerst tegenacties namens de coureurs, die overigens behoorlijk daartoe moesten worden overgehaald. De circuits moesten veiliger worden gemaakt en medische hulpdiensten permanent aanwezig.
Ook zijn helm was duidelijk onderscheidend. Tegen een witte achtergrond plaatste hij een Schotse ruit of tartan. De ruit zelf veranderde wel enigszins van structuur in de loop der jaren. Aanvankelijk gebruikte hij in de jaren zestig nog een open helm met los vizier, maar al gauw ging ook hij over op het nieuwe type gesloten helm.


Francois Cevert

Een van de kleurrijkste helmen, zeker in de context van zijn tijd, was ongetwijfeld die van de coureur Francois Cevert. De Fransman was, behalve de playboy van het rijdersveld, tevens zeer getalenteerd. Zijn tragische dood op Watkins Glen in 1973 was voor teamgenoot Jackie Stewart, inmiddels drievoudig wereldkampioen, aanleiding definitief te stoppen met racen.


De kleuren van de helm zijn hoofdzakelijk die van de Franse vlag in lange banen en aan weerszijden ook gespiegeld. Zijn helm kreeg onder meer navolging in die van landgenoot Patrick Depailler.


Sponsors

Het kleine sponsorlogo van de Franse oliemaatschappij Elf bij de helmen van Stewart, Cevert en Depailler is eveneens opvallend. In de jaren zeventig verschijnen er in toenemende mate logo's van sponsors op de racehelmen en, zoals bij Depailler te zien is, tevens op het vizier. Eerst nog bescheiden qua formaat, maar later worden de logo's steeds groter naarmate de commercie meer greep kreeg op de Formule 1.
Een zeer vroeg voorbeeld mid jaren zeventig waarbij dit aspect reeds de boventoon voert is de helm van Jochen Mass met de prominente Boss-sponsoring aan weerszijden; mede daardoor (en vanwege de kleuren) een zeer herkenbare helm.


Designs

De Bell Star helm (geïntroduceerd in 1968) is zonder twijfel de klassieker uit de jaren zeventig: bijna alle coureurs droegen dit type helm met opklapbaar vizier. Slechts een enkeling zoals Emerson Fittipaldi droeg een helm van een ander merk (AGV).
De designs waren nog betrekkelijk eenvoudig. De meeste helmen hadden één soort hoofdkleur met hooguit een andere kleur als toevoeging (die was dan meestal in de vorm van een streep, pijl of boog gedaan). De meeste helmen waren aldus enkelvoudig of tweetonig van kleur.
Sommige coureurs verbonden duidelijk de nationale kleuren van hun land aan de helm, zoals Stewart, Cevert en Scheckter. Anderen als Fittipaldi, Pace (hieronder) en Reutemann kozen voor een klein vlaggetje van het land van herkomst op de zijkant van de helm.


De Zwitser Clay Regazzoni had in wezen allebei. In zijn geval had hij tevens aan weerszijden een paardenhoef op de helm staan (wellicht als teken van geluk?). Clay was zijn carrière begonnen met een open witte helm met een los rood vizier met daarop het Zwitsers kruisje. Later kreeg zijn helm een rood randje dat in de vorm van een band steeds prominenter zou worden. De helm van Regazzoni was overigens van een ander merk: Jeb's; aerodynamischer van vorm en met een groter vizier.


Naam

Zeer kenmerkend voor de jaren zeventig is de toevoeging van de naam van de coureur in grote lettertypen op de zijkant van de helm. (Niki) Lauda, James Hunt, Jody (Scheckter), Ickx etc. Zo werden de coureurs voor het eerst duidelijk herkenbaar voor het publiek tijdens de race. De helm werd daarmee ook echt hun eigen symbool.


Ronnie Peterson

Diens helm had als basis de kleuren van de Zweedse vlag: blauw en geel. Er wordt beweerd dat Ronnie het design voor zijn helm baseerde op die van Jim Clark: een donkere metallic kleur, met het zeer kenmerkende losse uitstekende vizier.


Hij was daarmee een van de weinigen die nog heel lang (in feite tot het einde) met dit aparte, losse vizier bleef rondrijden zonder dat dit nog een functie had. Verder nog opvallend aan zijn helm was de persoonlijke sponsoring door Polar Caravans. Over het algemeen waren sponsorproducten eerder gerelateerd aan de racerij (autobanden, motorolie etc.).


Naar aanleiding van mijn eerdere blog over het ongeluk van de koele Zweed op Zandvoort in 1974, meldde Joris Meuffels mij zijn zoektocht naar de helm die Ronnie die dag droeg: inmiddels heeft hij deze in zijn bezit.

Brand

Brand was het grote gevaar geworden voor een coureur nu hij vastgesnoerd zat in zijn wagen. Met de introductie van veiligheidsgordels - verplicht sinds 1972 - was de cockpit welhaast veranderd in een dodencel. Sommige coureurs troffen dan ook extra veiligheidsmaatregelen, onder wie Jody Scheckter, Emerson Fittipaldi, James Hunt (zie onder) en Gunnar Nilsson. Aan de onderkant van hun helm monteerden zij een grote brandwerende lap ter bescherming van de borst en longen die op zijn beurt weer over de overall viel. Wie dit als eerste heeft bedacht, is vooralsnog onduidelijk.


Het ongeval van Niki Lauda op de Nürburgring in 1976 (en de ernstige brandwonden die hij daarbij opliep) herinnerde alle rijders nog eens, indien nodig, aan de grote gevaren die zij liepen bij het racen. Diens halfverbrande gezicht (en oor), evenals de gesponsorde rode pet (Parmalat), zou zelfs min of meer zijn handelsmerk worden.


Ook Ronnie Peterson zou in 1978 als gevolg van brand bij de start van een Grand Prix om het leven komen. Hoewel de brandwonden niet de oorzaak waren, stierf hij als gevolg van medische complicaties.


Oude en nieuwe tradities

De helm van Peterson zou blijven voortbestaan in die van de Italiaan Michele Alboreto die de kleuren donkerblauw en geel trouw bleef bij wijze van eerbetoon. Dit zou een nieuwe traditie worden vanaf de jaren tachtig waarbij de helmen van hun eigen helden door latere coureurs als uitgangspunt werden genomen.


Voor Zwitserse coureurs was er de duidelijke traditie om telkens het nationale rood-witte kruisje prominent op de voorkant van hun helm te zetten (Marc Surer gebruikte dit overigens niet; wel was zijn helm wederom rood met wit).
In sommige gevallen paste de helm van de coureur tevens perfect bij het sponsorschema van de auto, zoals Lauda in de rode Ferrari en Peterson in de donkerblauwe Tyrrell, maar dit was vooralsnog puur toeval. Later zouden de helmen louter om commerciële redenen bij de team/sponsorkleuren worden aangepast.


Niki Lauda

De helm van Lauda zou min of meer een cult-status krijgen, mede name vanwege het streng ogende logo van de Raiffeisen-bank op de voorkant (dat iets weg had van een doodshoofd). Zijn helm verscheen onder meer op de omslag van actiethrillers. Ook werd er van zijn helm (en die van Regazzoni, Siffert, Hunt,en Prost) door klokmaker en sponsor Heuer een alarmklok van gemaakt die op menig nachtkastje zal hebben gestaan; een geslaagd stukje merchandise.


Dubbele vizier

Eind jaren zeventig produceerde Bell een nieuw type helm. Jacky Ickx droeg deze in elk geval op Le Mans in 1978 en later, in 1979, ook in zijn laatste jaar in de Formule 1. De helm lijkt op het eerste gezicht bijzonder onpraktisch.


De helm wordt ook wel 'twin window' helm genoemd. Volgens Ickx had het ontwerp vooral te maken met de kans om iets in het 'open' vizier te krijgen bij een ongeval langs de baan en diende de gleuf dus als een soort breekpunt. Wellicht dat het dodelijk ongeluk van Tom Pryce in 1977, die een brandblusser in zijn gezicht kreeg, hiervoor de aanleiding is geweest. Qua zicht maakte het volgens Ickx totaal niet uit. Ook de Ier John Watson droeg een dergelijke helm in het raceseizoen 1979, maar een succes werd deze helm niet.


'Darth Vader'

Ook beslist anders was de helm van Mario Andretti. De vergelijking met 'Darth Vader' (of The Stig van BBC's Top Gear ) is gauw gemaakt. Dit type helm - de Simpson Bandit - nam Mario mee vanuit de Amerikaanse racerij, waar hij naast de Formule 1 tevens in actief was. Wat vooral ook opvalt aan de helm zijn de aparte ventilatiesleuven aan de voorkant.


Ook James Hunt droeg een dergelijk type helm gedurende zijn laatste seizoen in 1979. Hunt was overigens, net als Cevert, een grote playboy die de racerij niet altijd even serieus nam. Met zijn verdwijnen uit de Formule 1 eind jaren zeventig werden de laatste wilde haren in de autosport afgelegd.


Elio de Angelis bleef als een van de weinigen dit type helm nog dragen tot de tweede helft van de jaren tachtig. Maar ook anderen als Fittipaldi en Villeneuve reden korte tijd met dit type helm.

Gerelateerde blogs
De geschiedenis van de racehelm (3): de jaren zestig

1 opmerking:

PHV zei

Mooi stukje geschiedenis. Eén helm mis ik in je stukje: de AGV X1. Fittipaldi, Lauda,Brambilla en Lombardi droegen deze helm in 1976. Een voor die tijd vooruitstrevende helm met een ventilatie opening aan de bovenkant. Of het nut had is maar de vraag maar een mooie helm. Deze X1 heeft ter discussie gestaan na het ongeval van Lauda op de Nurburgring. Bij de botsing tegen de aarden wal is de helm van Laudaś hoofd geraakt wat resulteerde in de ernstige brandwonden in z'n gezicht. De kinband van zijn helm zat te ver naar voren. Zijn redders vonden de helm in z'n schoot. Men dacht dat hij die in een shocktoestand zelf had afgezet. Maar de riem was niet losgemaakt. Na het ongeval gebruikte Lauda een gemodificeerde versie. Vanaf 1977 vertrouwde Lauda weer op Bell helmen.